Docenten Nederlands 15-18 | niveau 2 | Wondermond
Introductie
Anne-Gine Goemans (1971) is journalist en auteur van een handvol succesvolle en spannende boeken. Haar debuut Ziekzoekers uit 2008 werd bekroond met de Anton Wachterprijs. Voor Glijvlucht (2011), geschreven vanuit het perspectief van een veertienjarige jongen, kreeg zij de Dioraphte Jongeren Literatuurprijs. Na Honolulu King (2015, ook op deze site) volgden Holy Trientje (2019), dat gaat over de nucleaire waanzin, Wondermond (2024) en in 2025 Dhr. weigert zorg. Voor dat laatste boek gebruikte Goemans haar ervaringen met ‘het leven op een gesloten afdeling’ van een verpleeghuis waar haar dementerende vader drie jaar verbleef.
Inhoud
Het Wondermond uit de titel is een fictief vissersdorpje aan de Friese waddenkust. Begin 20ste eeuw is tijdens een heftige storm een deel van de vloot vergaan en tientallen vissers uit het dorp zijn toen verdronken. Sommige weduwen van de omgekomen vissers zijn gedwongen om zich te prostitueren, zodat zij hun kinderen kunnen blijven voeden. Zo ook Nanna de Jong. Zij ontvangt met regelmaat en met onverholen walging rijke boeren, handelaren en dorpsnotabelen in haar bedstee, onder wie de plaatselijke dominee.
Het verhaal springt een eeuw vooruit. Het is mei 2008, we zijn in het welgestelde Bloemendaal. Boye is 17 en heeft net eindexamen havo gedaan. In de tuin van het ouderlijk wordt weer eens een groot feest gegeven, deze keer met als thema ‘jaren zestig’. Op de kleintjes hoeven de ouders niet te letten: ze zijn schatrijk. Dan valt tijdens het feest plotseling de FIOD binnen. De vader wordt gearresteerd op verdenking van grootschalige beleggingsfraude; alle spullen van enige waarde worden meegenomen. De fraude was in wezen een piramidespel. Vader Erik heeft enorme sommen spaargeld van vrienden en bekenden in beheer gekregen om te beleggen. Maar hij keerde winsten uit met de inleg van anderen. Al het geld is verdampt, er zijn vele gedupeerden. Bloemendaal is opeens vijandelijk gebied. Nog voor Boye het goed en wel beseft, is hij met zijn moeder Reina op weg naar Friesland. Ze zullen ‘tijdelijk’ bij zijn grootmoeder Wiep verblijven in het dorpje Wondermond.
De overgang kan niet groter zijn. De 87-jarige Wiep, die de kleindochter blijkt van Nanna de Jong uit het begin van het verhaal, is een eigenzinnige vrouw die niets geeft om luxe en weelde. Ze heeft ook jarenlang nauwelijks contact gehad met haar dochter Reina die een rijk leven leidde. Wiep woont in een klein, zeer primitief huisje. Boye ziet zich geconfronteerd met het verlies van al zijn zekerheden: zijn onbezorgde leven, zijn vrienden, zijn vriendin, zijn vader.
Het boek volgt Boye tijdens zijn noodgedwongen verblijf van een jaar in Wondermond. Hij leert heel wat mensen kennen, gaat een keer als hulp mee varen op een kleine vissersboot, ontkomt ternauwernood aan verdrinking. Ook vindt hij al snel een baantje in de visverwerking (zwaar werk!) en sluit zich schoorvoetend aan bij autochtone leeftijdgenoten. Boye beleeft in en rond Wondermond alle vreugde, schade en schande die een 17-jarige kunnen vormen zoals hopeloze verliefdheden, zware knokpartijen, opmerkelijke vriendschappen, zelfmoorddreigingen, de eerste seks, ruzies, ernstige ongelukken, liederlijke drinkgelagen. Ondertussen probeert zijn wilskrachtige moeder met baantjes het hoofd financieel boven water te houden.
In die hoofdlijn van het boek zijn een paar stukjes levensverhaal verwerkt van vrouwen uit de stamboom van Boye. Allereerst dat van Nanna de Jong begin 20ste eeuw, daarna volgen we háár dochter Famke die genadeloos wraak neemt op de dominee. Dan komt Famkes dochter Wiep aan bod, die we als de nog levende ‘beppe’ van Boye hebben leren kennen. Tot slot is er veel aandacht voor Boyes eigen moeder Reina, die na baantjes bij een callcenter, de Action en een experiment met een massagepraktijk uiteindelijk haar draai vindt door een parenclub in Wondermond te openen. Na bijna een jaar Wondermond moet Boye erkennen dat hij in dat primitieve dorp aan de Waddenkust veel elementaire mensenkennis heeft verworven, die hij in Bloemendaal nooit zou hebben opgedaan. Maar hij heeft vooral zichzelf beter leren kennen.
Moeilijkheid
Wondermond is wel een dik, maar zeker geen lastig boek. Het volgt in grote lijnen het leven van de 17-jarige Boye als hij vanuit de weelde in Bloemendaal opeens in de eenvoud van het kleine Wondermond terechtkomt. Dat is een doorlopend verhaal. Alleen de intermezzi van de vrouwenlevens zijn voor minder ervaren lezers mogelijk abrupte onderbrekingen die afleiden van het hoofdverhaal: Boyes leven gedurende een klein jaar in Wondermond. De vrouwelijke lijn in de stamboom van Boye is deze: Nanna – Famke – Wiep – Reina. In personale verhaaltrant volgt de lezer deze vrouwen in respectievelijk 1906, 1921, 1973 en 1981. Het hoofdverhaal wordt helemaal vanuit Boye beleefd.
In het kernverhaal komen zeer veel personages voor. Dat kan soms wat verwarrend zijn. De meesten zijn niet meer dan passanten. Het is helder welke figuren in het boek er echt toe doen.
De vaak heftige gebeurtenissen volgen elkaar snel op. Dat is allemaal goed te volgen. De ironie waarmee bijvoorbeeld het rijkeluisleven of het simpele leven van de dorpelingen worden beschreven, zal minder ervaren lezers misschien ontgaan. Anderzijds schuwt schrijfster Goemans de overdrijving niet. De nuance en fijnzinnigheid zijn nogal eens ver te zoeken. Veel gebeurtenissen in het boek worden met felle halen zwaar aangezet, zijn rauw en op het ranzige af. Voor sommige lezers is dat misschien juist een aantrekkelijke kant van Wondermond. Enigszins ervaren lezers ergeren zich mogelijk aan alle hyperbolen die van personages karikaturen kunnen maken. Of aan de liefdeloze manier waarop over erotiek en seks wordt geschreven.
Het taalgebruik is eigentijds, zeer direct en niet zelden platvloers. Sommige personages in het boek spreken Fries. Af en toe is er een vertaling in de tekst verwerkt, maar niet altijd. De context maakt meestal wel duidelijk wat er gezegd wordt. En natuurlijk bevat het boek vrij veel woorden uit de visserij. Maar die zijn dankzij context of uitleg altijd goed te begrijpen.
Didactische en letterkundige analyse
|
Dimensies |
Indicatoren |
Toelichting | complicerende factoren |
|
Algemene vereisten |
Bereidheid |
De leerling moet bereid zijn een boek van meer dan 400 pagina’s te lezen dat voornamelijk in een dorpsgemeenschap speelt. De schrijfster lijkt heel veel te willen vertellen, maar de talloze, levendig beschreven avonturen belonen de lezer die tegen een dik boek opziet. Fijngevoelige lezers moeten wel tegen een stootje kunnen, vooral als het gaat om beschrijvingen van ongelukken, vechtpartijen en seks. |
|
|
Interesses |
Enige belangstelling voor het leven in een vissersdorp of plattelandsgemeenschap biedt steun. Goemans’ verhaal is geënt op historische gebeurtenissen. Dat wekt wellicht de interesse van potentiële lezers. Belangstelling voor de sociale verhoudingen in zo’n vissersdorp als Wondermond en in de tegenstelling met het stadsleven zal het leesplezier verhogen. Daarnaast is belangstelling voor de invloed van ‘rampen’ op een gemeenschap een stimulans. |
|
|
Algemene kennis |
Eigenlijk niet nodig. Over de genoemde scheepsrampen wordt voldoende uitgelegd. |
|
|
Specifieke literaire en culturele kennis |
Niet aan de orde. Voor wie het Fries machtig is, zullen de Friese zinnetjes gemakkelijker te lezen zijn dan voor anderen. |
|
Vertrouwdheid met literaire stijl |
Vocabulaire |
Geen grote problemen. Wel staan er in het boek Friese woorden/zinnen en visserijtermen. In het algemeen zijn die woorden, termen en zinnen goed te begrijpen. |
|
|
Zinsconstructies |
Niet lastig doordat de schrijfster een vlotte manier van vertellen heeft. Korte dialogen met kleine tussenzinnetjes geven het verhaal extra vaart. |
|
|
Stijl |
In het algemeen karakteriseert Goemans in een rake stijl als het gaat om personen en om hun gedragingen of overwegingen. De sfeer in Wondermond wordt op een sterke manier opgeroepen. In het boek zit veel ironie, zoals in de tekening van de Bloemendaalse weelde en van de armoede en eenvoud in Wondermond. Oog voor die spot is wel nodig om de beschrijvingen te kunnen waarderen. |
|
Vertrouwdheid met literaire personages |
Karakters |
De belangrijkste figuren in het boek zijn, naast de hoofdpersoon Boye, zijn moeder Reina en zijn grootmoeder, beppe Wiep. Reina en Wiep – die erg stroef met elkaar omgaan – zijn de oertypes van ‘sterke vrouwen’. |
|
|
Aantal karakters |
Zeer veel, maar het merendeel is passant. In de stukken die in het (verre) verleden spelen, treden uiteraard ook allerlei figuren op die in het hoofdverhaal niet anders terugkomen dan als ‘vermelding’, zoals de man van Nanna de Jong die in 1901 is verdronken tijdens de scheepsramp en wiens vissersboot, de WM13, door toedoen van Boye in 2008 als wrak op de zeebodem wordt gelokaliseerd. |
|
|
Ontwikkeling van en verhouding tussen de karakters |
Boye is degene die het duidelijkst een ontwikkeling doormaakt, wat in wezen te danken is aan het afscheid van het leven in Bloemendaal. Zijn moeder is daarbij een antipode: zij aanvaardt zonder mokken het verlies, ze klaagt niet en pakt gewoon weer aan door bij een callcenter en de Aldi te gaan werken. Boye heeft nog lange tijd last van het verlies van al zijn zekerheden. Maar gaandeweg accepteert ook hij de veranderingen. Dat is mede dankzij de band met Anne en, later, met leeftijdgenoten, onder wie de zingende Hadewich, en met de ongrijpbare, ‘vrome’ Jesse. |
|
Vertrouwdheid met literaire procedés |
Spanning |
Het boek kent spanning op verschillende niveaus. Aan de oppervlakte zijn er de vele heftige gebeurtenissen die plots de turbo op het verhaal zetten, zoals de bijna-ramp wanneer Boye voor het eerst meegaat op visvangst op de kotter van de drie broers. Of het ongeluk van Jesse door de onachtzaamheid van Boye. Eenzelfde soort spanning zit in de ondernemingen van moeder Reina. Zal zij erin slagen een succesvolle zaak op te zetten? Andere vragen betreffen het lot van vader Erik. Op een dieper niveau vraagt de lezer zich af wat Boye zal leren van zijn belevenissen in en rond Wondermond. Zal hij uiteindelijk inzien dat het Bloemendaalse leven gestoeld was op uiterlijk vertoon en dat het échte leven van waarde meer in dorpjes als Wondermond is te ervaren dankzij vriendschap en échte aandacht voor anderen? |
|
|
Chronologie |
De hoofdlijn begint in mei 2008 en eindigt ongeveer een jaar later als Boye Wondermond verlaat. Er zijn rond die hoofdlijn vier episoden die duidelijk aangegeven zijn met jaartallen en namen: Nanna 1906, Famke 1921, Reina 1973 en Wiep 1981. Wie de hoofdlijn en de intermezzi goed in de gaten houdt – en daarbij beseft dat Reina de dochter is van Wiep – zal met het tijdsverloop in de roman uiteindelijk weinig moeite hebben. Maar het is wat lastig dat de roman begin met de episode van Nanna in 1906. |
|
|
Verhaallijn(en) |
Het leven van Boye in Wondermond van mei 2008 tot pakweg mei 2009 is de hoofdlijn. Vanuit die hoofdlijn zijn er veel zijwegen waarop de lezer allerlei figuren uit het dorp ontmoet, onder wie de gebroeders Krab, de drielingbroers Fokse, Skeet en Hynder. |
|
|
Perspectief |
In de vrouwenverhalen is een personale verteller aan het woord die de vrouwen volgt. Het hoofdverhaal wordt vanuit Boye (als hij-personage) verteld die aanvankelijk zeer cynisch en sceptisch het dorpsleven beziet, maar gaandeweg thuis raakt in Wondermond en waardering krijgt voor het leven in de dorpsgemeenschap. |
|
|
Betekenis |
De betekenis van het boek ligt in de ontwikkeling van Boye: van het zeer verwende, arrogante rijkeluiskind tot de half-volwassen jongen van net 18 die geleerd heeft dat de uiterlijkheden van Bloemendaal het moeten afleggen tegen de levenswijsheid die hij in Wondermond heeft opgedaan. Hij is aan het eind van het verhaal misschien nog niet helemaal tot wasdom gekomen, maar hij kan wel de wereld aan, nu hij mentaal de enorme dreun van het afscheid van zijn onbezorgde leven heeft geïncasseerd. |
|
Relevante bronnen voor docenten |
Website van de auteur |
|
|
Externe leestips |
|
Anne-Gine Goemans, Glijvlucht |
|
Auteur docentinfo |
|
Jan Erik Grezel |