Nederlands - 15 t/m 19 jaar

Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Inhoud

Hersenschimmen is Bernlefs indringende en ontroerende roman over dementie, over de eenzaamheid en de angst die daarmee gepaard gaan, maar ook een verhaal over de liefde die een onvermijdelijk tragisch einde tegemoet gaat.

Maarten Klein verliest langzaam maar zeker zijn greep op de werkelijkheid. Hij kan heden en verleden niet meer onderscheiden, wil plotseling weer naar zijn werk terwijl hij al gepensioneerd is en ziet zijn vrouw voor een vreemde aan. Momenten van helderheid worden meer en meer verdrongen door ontreddering en verwarring. Net als ik lekker lig komt Vera me wekken. Is het ochtend? Waarom al die haast? En sinds wanneer kleed ik mij zelf niet meer aan?
Bron: flaptekst Hersenschimmen

Leesaanwijzingen

Maarten is een oude man die in hoog tempo gedesoriënteerd raakt. Omdat het verhaal vanuit Maartens perspectief is geschreven, en je dus alleen weet wat hij denkt, moet je je goed concentreren om erachter te komen hoe de situatie feitelijk in elkaar zit. Als je dit doorhebt, is het verhaal niet zo lastig om te lezen. 

Om over na te denken

Hoe ervaart een oudere zelf zijn geestelijke (en vaak lichamelijke) aftakeling? Kan hij zijn omgeving nog wel vertrouwen als deze hem niet meer begrijpt? Hoe kun je communiceren als je de woorden niet meer kunt vinden? Hoe is het om te ervaren dat je alle houvats kwijtraakt? En hoe is het om je geliefde te zien afdrijven naar een gebied waar je hem niet meer kunt bereiken?

Waardering

'Ik vond het een erg vreemd boek, wat op zich niet zo vreemd is, omdat het gaat over iemand die dement wordt. Maar toch, je blijft toch stiekem hopen op een soort ontknoping, die er uiteraard niet komt. Dit neemt echter niet weg dat ik het een goed boek vond. Het lijkt wel of je tegelijk met Maarten dingen vergeet; ik vind het erg knap hoe de schrijver dat voor elkaar heeft gekregen!'
Margot, 6 vwo, op: scholieren.com

'Ik vond de gebeurtenissen in het verhaal ontroerend. Door middel van de gedachtesprongen, flashbacks en gevoelens kun je je goed inleven in de hoofdpersoon, waardoor zijn aftakeling ontroerend overkomt. Het boek boeide me vanaf het moment dat de eerste tekenen van verwarring zichtbaar worden, in het stuk met het timmermanspotlood. Eindconclusie: Ik vond Hersenschimmen een goed boek. Een mooie stijl, een boeiend, ontroerend onderwerp, taalgebruik passend bij de situatie. Alleen het eind vond ik te langgerekt en moeilijk om te lezen.'
Anoniem, 5 vwo, op: scholieren.com

'Het is een heel nieuw soort boek waarvan niet veel andere soorten van te krijgen zijn. Het is tevens een heel verwarrend boek, want bij Maarten gaat alles eerst goed en daarna steeds minder. Aangezien het verhaal door hem verteld wordt en hij in de war raakt, raak jij automatisch ook in de war. Gelukkig wordt dit grotendeels verholpen door de reacties van de andere personages. De stukken wanneer Maarten van huis gaat en een wandeling met Robert maakt of ineens een soort paniekaanval krijgt, vind ik vooral spannend. Bernlef heeft het begrip dementie mooi beschreven, de manier van schrijven is heel bijzonder maar ook heel ingewikkeld. Hij weet het precies te verwoorden dat het net een biografie van iemand lijkt.'
Anoniem, 4 havo, op: scholieren.com

Meer weten?

www.schrijversinfo.nl | over Bernlef
www.leesmij.nu | (sfeer)impressie van de roman 
www.bernlef.nl | website van de schrijver met informatie over leven en werk 

Geschreven door:

Gea Veenstra

Suggesties


Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

Er zijn geen opdrachten gevonden voor dit niveau.
Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N2/1
Niveau2
Studielast1,5 slu
Werkvormindividueel
Focusmotief
Je leert

over de vader-zoonrelatie in Hersenschimmen.

Opdracht

A

In het indertijd mateloos populaire spelprogramma 'Zo vader zo zoon' proberen panelleden er door het stellen van vragen achter te komen wie van vier 'vaders' de echter vader van de zoon is. Bekijk (een deel van) de uitzending (bron 1). Doel is dat je een beeld krijgt van hoe het spelletje wordt gespeeld.

B

  1. Bedenk vier vragen die jij aan je vader (of moeder) stelt en waarop jij zelf ook het antwoord bedenkt. Ga na in hoeverre jij lijkt op je vader (of je moeder). In de tabel vind je een voorbeeldvraag met antwoorden.
  2. Als je de antwoorden met elkaar vergelijkt, vind je dan dat je veel op je vader (of moeder) lijkt?
  3. In hoeverre heeft jouw vader (of moeder) invloed op jouw manier van handelen?

Vraag

Antwoord vader (of moeder)

Jouw antwoord

Vind jij het belangrijk hoe andere mensen over je denken?

Ja, dat vind ik heel belangrijk. Als je geen rekening houdt met je omgeving dan kwets je onnodig mensen. Bovendien kun je altijd van de mening van anderen leren.

Hangt ervan af of ik die persoon belangrijk vind of niet. Als het een goede vriend is of één van mijn ouders wel. Anders interesseert het me niet.

  

  

  

  

  

  

  

  

  

  

  

  

 

C

In Hersenschimmen speelt de vader van Maarten een grote rol. Hij heeft veel invloed gehad op Maarten. Maartens vader ging altijd uit van feiten: 'In het doen van weersvoorspellingen geloofde hij niet, maar wel in het vastleggen van feiten. Niet voor niets was hij praktisch zijn hele leven griffier. [...] Mijn tijd is te kort, zei hij, en het systeem is te groot, te traag en te ingewikkeld voor een mens alleen. Ik registreer louter feiten.'

  1. Noteer een belangrijke overeenkomst tussen Maarten en zijn vader, bijvoorbeeld op het gebied van werk of levensvisie.
  2. Vind je dat Maarten veel op zijn vader lijkt? Geef een cijfer tussen 1 en10, waarbij 1 aangeeft dat Maarten totaal niet op zijn vader lijkt.
  3. Noteer een voorbeeld van een situatie waarin je de vader van Maarten herkent in Maartens handelen

D

Bedenk vijf quizvragen met antwoorden die gebruikt kunnen worden voor het spelprogramma 'Zo vader zo zoon'. De vragen hebben betrekking op wat je over Maartens vader leest in Hersenschimmen. Welke vragen zouden de panelleden kunnen stellen om erachter te komen wie de echte vader van Maarten is? Bedenk bij iedere vraag vier mogelijke antwoorden en maak het juiste antwoord dik gedrukt. In onderstaande tabel vind je een voorbeeld van zo'n quizvraag.

Vraag

Antwoorden

Tijdens een gesprek met de mentor van Maarten komt u erachter dat deze Maarten nauwelijks kent. Hij is als het ware onzichtbaar in de klas. Hoe zou u reageren?

  1. A.  Ik word woedend en storm naar huis om Maarten te vragen hoe dit mogelijk is!
  2. Ik ben verdrietig want ik maak mij zorgen om mijn zoon. Ik doe verder niets.
  3. Ik ben verdrietig en vraag om een nieuw gesprek waar Maarten dit keer ook bij is.
  4. Ik geef Maarten op voor faalangst training want mijn zoon hoort niet zo stilletjes te zijn.

  

  

  

  

  

  

  

  

 

E

Je hebt de vader-zoonrelatie in Hersenschimmen nader onderzocht. Hoe belangrijk vind jij deze relatie in Hersenschimmen? Geef en cijfer tussen 1 en 10 (1 is totaal onbelangrijk; 10 is heel belangrijk, de hoofdzaak van het verhaal!). Leg uit waarom je precies dit cijfer, en niet hoger of lager, hebt gegeven.

Extra

Maak zelf een aflevering van 'Zo vader zo zoon' met de quizvragen die jullie bedacht hebben. Als je de aflevering ook filmt, heb je deze opdracht heel creatief afgerond! 

Bronnen
  1. 'Zo vader zo zoon (afl. 150)', op: www.youtube.com
Gemaakt doorGea Veenstra



BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N2/2
Niveau2
Studielast2 slu
Werkvormtweetal
Focusonderwerp
Je leert

over dementie

Opdracht

In deze opdracht ga je je verdiepen in het onderwerp van de roman: dementie. 

A

  1. Bedenk samen tien vragen over dementie. Je kunt de 5w+h-vragen (wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe) als hulpmiddel gebruiken. 
  2. Verdeel de bronnen. Zoek in de bronnen naar antwoorden op de tien vragen die jullie hebben gemaakt.
  3. Vergelijk per vraag de antwoorden die jullie hebben gevonden. Formuleer samen één definitief antwoord op alle vragen.

B

  1. Probeer de antwoorden op jullie vragen in Hersenschimmen te vinden. Geeft Hersenschimmen op alle vragen een antwoord? Hoe komt dat?
  2. Vinden jullie Hersenschimmen een betrouwbare bron voor iemand die
    a. die een naaste heeft die dementeert?
    b. een arts die zich heeft gespecialiseerd in aandoeningen die samenhangen met het verouderinsgproces?
    c. een verpleegkundige op een geriatrische afdeling in een zorginstelling? 
    d. zich voor wil kunnen stellen hoe het is om dement te worden?
    Leg jullie antwoord uit.
  3. www.dementieonline.nl is een website voor mantelzorgers. Bekijk de site. Denken jullie dat mantelzorgers er iets aan zouden kunnen hebben om Hersenschimmen te lezen? Waarom (niet)?
(Literaire)theorie

Onderwerp en thema - Een onderwerp is niet hetzelfde als een thema. Een onderwerp bevindt zich in de oppervlakte van het verhaal. Onderwerpen zijn vaak concreet, bijvoorbeeld de Tweede Wereldoorlog, school, ontvoering etc. Een thema is wat abstracter en zit in een diepere laag van het verhaal verstopt. Thema's worden vaak niet expliciet benoemd; je moet zelf een beetje puzzelen. Voorbeelden van thema's zijn: eenzaamheid, vervreemding, vergankelijkheid.

Bronnen
  1. www.alzheimer-nederland.nl
  2. 'Dementie', op: www.hersenstichting.nl
  3. 'Dementie', op: www.thuisarts.nl
  4. 'Dementie', op: nl.wikipedia.nl
Gemaakt doorMarlies Schouwstra




Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N3/1
Niveau3
Studielast1,5 slu
Werkvormtweetal
Focuscultuurhistorische waarde
Je leert

reflecteren op de vraag wat een roman waardevol maakt

Opdracht

De opdrachten A tot en met E mogen jullie samen maken of verdelen. Houd er wel rekening mee dat jullie allebei de antwoorden op alle vragen nodig hebben om opdracht G (individueel) te maken.

In bron 1 wordt uitgelegd wat de actie Nederland leest inhoudt en op grond van welke criteria elk jaar een boek wordt gekozen. Lees de bron.

A [samen of een van beiden]

  1. De eerste eis luidt dat het werk 'literaire waarde' moet hebben. In tabel 1 hebben we enkele kenmerken van 'echte' literatuur onder elkaar gezet. Noteer in kolom 2 of dit kenmerk al dan niet aanwezig is inHersenschimmen en licht je keuze toe. Bij het vraagteken noteer je een aspect dat jij zelf kenmerkend vindt voor echte literatuur.
  2. Vind jij dat Hersenschimmen voldoende literaire waarde heeft om te kunnen stellen dat het aan de eerste eis van Nederland leest voldoet?

Tabel

Kenmerk

Wel/niet aanwezig in Hersenschimmen + toelichting 

Het verhaal is gelaagd: er is een verhaal, maar met dat verhaal wordt meer overgebracht dan alleen het verhaal; het verhaal heeft een diepere betekenis.   
De vorm, de manier waarop het verhaal is opgebouwd (structuur), is belangrijk.  
De stijl, de manier waarop het verhaal wordt verteld (taalgebruik), is belangrijk.  
De personages hebben psychologische diepgang.  
Literatuur probeert iets te zeggen over de werkelijkheid, zonder die werkelijkheid te moeten/willen kopiëren.  
Literatuur vraagt inspanning van de lezer en zet haar/hem aan het denken.  
?  

  

B [samen of een van beiden]

De tweede eis luidt dat het werk niet recent is en de tand des tijds heeft weerstaan. Het is wel duidelijk dat Hersenschimmen niet heel recent is: het is ruim dertig jaar geleden geschreven. Maar wordt het ook nog steeds gelezen?

  1. Hoeveel boekverslagen over Hersenschimmen kun je op scholieren.com vinden? Vind je dit veel of weinig?
  2. Hoeveel exemplaren van Hersenschimmen zijn er in totaal verkocht? En hoe vaak is het boek herdrukt? Vind je dit veel of weinig?
  3. Vind je dat Hersenschimmen voldoet aan de tweede eis?

C [samen of een van beiden]

De derde eis is dat het boek geschikt moet zijn voor een breed publiek. De volgende vragen beantwoord je met 'ja' of 'nee' of 'een beetje'. Vervolgens licht je je antwoord redelijk uitgebreid toe, waarbij je ook naar aspecten van het boek verwijst. Vraag 1 hebben we voorgedaan.

  1. Vind je Hersenschimmen geschikt voor groep-8-leerlingen?
    Nee, het is te moeilijk. Sommige kinderen weten misschien wel iets over dementie, maar het boek is te moeilijk geschreven voor kinderen van twaalf jaar.
  2. Vind je Hersenschimmen geschikt voor bovenbouwleerlingen?
  3. En voor mensen die de leeftijd van je ouders hebben?
  4. En voor de generatie van je grootouders?
  5. En voor allochtone jongeren en volwassenen?
  6. Vind je dat Hersenschimmen voldoet aan de derde eis?

D [samen of een van beiden]

En ten slotte de vierde eis: het boek moet aanleiding geven tot discussie.

  1. Heb jij in je omgeving ooit iets gemerkt van discussie naar aanleiding van Hersenschimmen? Zo ja, waarover ging die discussie?
  2. Noteer zelf drie stellingen over Hersenschimmen waarover je zou kunnen discussiëren.
  3. Vind je dat Hersenschimmen voldoet aan de vierde eis?

E [samen]

Als jullie de voorgaande opdrachten hebben verdeeld, bespreken jullie de opdrachten. Snap je wat de ander heeft opgeschreven? Zijn jullie het met elkaar eens? Verbeter jullie werk als dat nodig is.

F [individueel]

Schrijf een beleefde en genuanceerde e-mail aan de organisatoren van Nederland leest, waarin je uitlegt of Hersenschimmen wel of juist niet een geschikt boek zou zijn voor Nederland leest 2015.

Verwerk je antwoorden op de opdrachten B tot en met E in je mail. Stuur je mail onder vermelding van 'Opdracht Hersenschimmen, Nederland leest' naar redactie@lezenvoordelijst.nl. De redactie zorgt ervoor dat je mail bij de organisatie van Nederland leest terechtkomt.

Bronnen
  1. 'Over Nederland leest', op: www.nederlandleest.nl
Gemaakt doorMarlies Schouwstra



BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N3/2
Niveau3
Studielast1,5 slu
Werkvormtweetal
Focusconcrete motieven
Je leert

concrete motieven inventariseren en interpreteren

Opdracht
  1. Bestudeer de Literaire theorie. Vervolgens noteert een van jullie zo veel mogelijk concrete motieven die hem/haar zijn opgevallen, terwijl de ander op internet zoekt naar concrete motieven die andere lezers hebben gevonden. Jullie maken allebei een eigen lijstje.
  2. Leg nu jullie lijstjes naast elkaar en schrap de concrete motieven die volgens jullie NIET duidelijk herkenbaar in de roman voorkomen. Jullie houden dus een lijstje over met concrete motieven die volgens jullie in Hersenschimmen voorkomen.
  3. Probeer samen een betekenis toe te kennen aan elk concreet motief. Bijvoorbeeld: 'mist' staat ook voor de mist in Maartens hoofd: zijn oriëntatievermogen neemt af; hij 'ziet niet meer helder'.
  4. Deze vraag beantwoord je individueel:
    Wat vind je van dat gepuzzel met motieven? Ontdek je daardoor aspecten van de roman die je eerder over het hoofd had gezien? Vind je dat leuk? Word je er onzeker van? Vind je het misschien zelf volslagen onzin om zo over een roman na te denken? Licht je antwoord toe. 
(Literaire)theorie

Een motief is een element dat meerdere keren herhaald wordt. Daardoor vallen ze op en word je als lezer op het spoor gezet van waar het in het boek om gaat. In de literatuurwetenschap wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende soorten motieven.

Verhaalmotieven worden ook wel aangeduid als concrete motieven. Ze bevinden zich in de verhaallaag, ze zijn zichtbaar in het verhaal.

Abstracte motieven komen niet expliciet in het verhaal  voor, maar die moet je zelf afleiden en  proberen te verwoorden. Vaak gaat het om vrij algemene begrippen, zoals eenzaamheid, eeuwigheid, liefde, verlies, verslaving, etcetera.

Een grondmotief is de visie die uit een roman spreekt en die je vaak wel in één zin kunt formuleren. Vaak zijn er meerdere mogelijkheden. Daarom is het belangrijk dat je argumenten kunt aandragen voor het grondmotief dat jij hebt geformuleerd.

Een leidmotief, ten slotte, is een steeds terugkerend element. Dat kan een kleur, een bepaalde zin of zinsdeel, een voorwerp, een symbool of handeling zijn. Een leidmotief kan een eigenschap van een bepaald personage benadrukken, maar ook verwijzen naar het grondmotief. 

Zie verder:  Joke van Balen e.a.,  Basisboek literatuur, Groningen, Uitgeverij kleine Uil, 2009, pp. 113-114.

Gemaakt doorMarlies Schouwstra




Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N4/1
Niveau4
Studielast2,5 slu
Werkvormindividueel
Focusleidmotief
Je leert

reflecteren op de functie van een leidmotief

Opdracht

A

Iedereen denkt wel eens 'Had ik maar...' Heb jij je wel eens heel erg schuldig gevoeld achteraf? Was je toen in de gelegenheid om het goed te maken of kon je niets meer veranderen aan de situatie? Stel je voor dat je niets meer kon veranderen aan de situatie, wat voor gevoel kreeg je daar bij?

B

In Hersenschimmen denkt Maarten regelmatig terug aan Karl Simic. We noemen dit een leidmotief en we gaan op zoek naar de functie van dit leidmotief in Hersenschimmen. Bestudeer eerst de Literaire theorie en beantwoord daarna de volgende vragen:

  1. Wie was Karl Simic?
  2. Welke relatie had Maarten met hem?
  3. Hoe eindigt hun relatie?
  4. Wat zijn de gevoelens van Maarten over dit einde?
  5. Wat was 'de methode van Simic' volgens Maarten? Vermeld voorbeelden uit Hersenschimmen.
  6. In welke situaties gebruikt Maarten deze methode?
  7. Bij welke personages past Maarten de methode toe? Geef van ieder personage een voorbeeld.
  8. Heeft Maarten uiteindelijk iets gehad aan deze methode? Verklaar je antwoord waarbij je de voorbeelden bij vraag 7 verwerkt.

C

Je gaat nu de functie van het leidmotief Simic verklaren.

  1. Waarom heeft Bernlef Simic opgevoerd, denk je?
  2. Wat zou er gebeurd zijn met jouw begrip van het verhaal als dit leidmotief niet verwerkt was in Hersenschimmen?
  3. Zou het gedrag van Maarten dan minder makkelijk te verklaren zijn of juist gemakkelijker? 
  4. Wat zou er gebeurd zijn als Maarten zijn angsten en onzekerheden wel gedeeld had met de andere personages? 

D

Beschrijf in maximaal 300 woorden je oordeel over Bernlefs werken met leidmotieven; wat zou het effect zijn geweest als de auteur meer had uitgelegd?

(Literaire)theorie

Motief - Een motief is een niet-symbolisch element dat door herhaald gebruik in het verhaal een bijzondere betekenis krijgt.  Daardoor word je als lezer op het spoor gezet van waar het in het boek om gaat. In de literatuurwetenschap wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende soorten motieven.

Verhaalmotieven zijn motieven die verbonden zijn aan concrete gebeurtenissen. Soms worden verhaalmotieven daarom ook wel aangeduid als concrete motieven.

Abstracte motieven komen niet expliciet in het verhaal voor, maar die moet je zelf afleiden en proberen te verwoorden. Vaak gaat het om vrij algemene begrippen, zoals eenzaamheid, eeuwigheid, liefde, verlies, verslaving, etc.

Een grondmotief is de visie die uit een roman spreekt en die je vaak wel in één zin kunt formuleren. Vaak zijn er meerdere mogelijkheden. Daarom is het belangrijk dat je argumenten kunt aandragen voor het grondmotief dat jij hebt geformuleerd.

Een leidmotief, tenslotte, is een steeds terugkerend element. Dat kan een kleur, een bepaalde zin of zinsdeel, een voorwerp, een symbool of handeling zijn. Een leidmotief kan een eigenschap van een bepaald personage benadrukken, maar ook verwijzen naar het grondmotief.

Naar: Joke van Balen e.a., Basisboek literatuur, Groningen, Uitgeverij kleine Uil (2009)

Gemaakt doorGea Veenstra



BoekBernlef, J., Hersenschimmen
NummerOpdracht N4/2
Niveau4
Studielast2 slu
Werkvormindividueel
Focusstijl
Je leert

reflecteren op stijl

Opdracht

A

Het is je vast wel eens overkomen dat je opeens met je mond vol tanden zat, dat je gewoon niet wist wat je moest zeggen. Denk nog eens terug aan die situatie en bekijk het filmpje bij bron 1.

  1. Wat vind je van dit filmpje? Kies uit: mooi / goed / intrigerend / saai / vaag / beledigend
    Licht je antwoord toe. 
  2. Wat heeft de maker van dit filmpje willen benadrukken volgens jou?
  3. Wat blijft er over als je geen controle meer hebt over jouw taal?

B

Bernlef staat bekend als een auteur die heel weinig uitlegt. Zijn schrijfstijl wordt omschreven als sober. Hij maakt veel gebruik van motieven en in Hersenschimmen is taal een heel belangrijk motief. Kijk naar de antwoorden die je gegeven hebt bij A.

  1. Zou je heel andere antwoorden gegeven hebben als je Hersenschimmen niet gelezen had?
  2. Waarin zouden je antwoorden wel of niet verschillen?
  3. Vind je het wel of niet prettig dat Bernlef jou als lezer heel veel zelf laat uitzoeken? Leg je antwoord kort uit.

C

In Hersenschimmen raakt Maarten langzaam de woorden en zijn taalgevoel kwijt. Jij gaat onderzoeken wat dit voor effect heeft op Maarten en zijn taalgebruik. Verlies niet uit het oog dat Maarten een Nederlander is die naar Amerika is geëmigreerd.
Maak gebruik van de tabel om een overzicht te maken van de rol van taal in het verhaal. Gebruik de trefwoorden in de linker kolom om het effect van taal op Maarten en zijn taalgebruik aan te geven. Je mag eventueel ook trefwoorden toevoegen. Vermeld welke druk je leest en vermeld de paginanummers waar je voorbeelden hebt gevonden. In het voorbeeld is gebruik gemaakt van de achtentwintigste druk, 1990.

Trefwoord

Toelichting

Voorbeeld

Puzzel Maarten is altijd bezig geweest met taal maar nu kan hij de woorden niet meer vinden als hij een puzzel maakt. Het eerste teken dat hij zijn taal verliest.  Blz. 27: 'Ik propte de krant met de puzzel in elkaar en stopte hem helemaal onder in de afvalemmer. Vera zou die foute woorden beslist verkeerd opvatten (zolang ik zelf niet weet wat er precies mis is, moet ik dit alles voor mijzelf houden).'
Vertalen van moedertaal naar tweede taal    
Persoonlijke voornaamwoorden, tussenvoegsels    
Lengte van zinnen    
Energie    
Waarde    
Communicatie    
[eigen trefwoord]     

  

D

  1. Nu je bij C grondig hebt gekeken naar het effect van taal in het verhaal, ben je het dan nog steeds eens met jouw antwoord bij B?
  2. Zoek een herinnering van Maarten waarbij jij als lezer te maken krijgt met de hersenschimmen van Maarten.
  3. Herschrijf deze herinnering zodanig dat het een goed te volgen herinnering wordt.
  4. Vergelijk de herinnering in Hersenschimmen met jouw beschrijving.
  5. Wat is het verschil tussen beide versies?
  6. Kun je nu ook verklaren wat het effect van taal op Maarten en het verhaal is en hoe Bernlef het begrip taal gebruikt heeft in Hersenschimmen? Gebruik niet meer dan 300 woorden.
Bronnen
  1. Trailer Hersenschimmen, op: www.leesmij.nu
Gemaakt doorGea Veenstra




Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

Er zijn geen opdrachten gevonden voor dit niveau.
Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Opdrachten

Er zijn geen opdrachten gevonden voor dit niveau.
Hersenschimmen - Bernlef, J.Niveau 3

Hersenschimmen

Auteur:Bernlef, J.
Jaar uitgave:1984
Uitgeverij:Querido
Plaats:Amsterdam
Aantal pagina's:181
Genre:psychologische roman
Tags:ernstige ziekte, ouderdom, psychische aandoeningen
 
Leerlingen
Docenten
  Zet in mijn boekenkast

Ook als luisterboek.
Verfilmd in 1988 door Heddy Honigmann.
In 1984 ontving Bernlef de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre. 

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 20 februari 2014.

 

Introductie

Bernlef (1937-2012) publiceerde diverse romans, verhalenbundels, essays en dichtbundels en hij heeft in 2008 het Boekenweekgeschenk, De pianoman, geschreven. In de jaren zestig vertaalde Bernlef het werk van diverse Zweedse dichters en schrijvers en recenseerde hij voor een aantal dag- en weekbladen. Met G. Brands en K. Schippers begon hij in 1958 het roemruchte tijdschrift Barbarber.
Toen Hersenschimmen in 1984 verscheen, was er nog niet zoveel bekend over dementie. Het boek werd lovend ontvangen door zowel de lezers als de medische wereld. Het verbaasde Bernlef dat hij plotseling werd gezien als deskundige op dit gebied en hij verzette zich hier dan ook tegen. De vorm waarin Bernlef de roman heeft gegoten, maakte veel indruk op de lezers. Maarten is de hoofdpersoon en tegelijkertijd de verteller waardoor de lezer vanuit de patiënt ervaart hoe het is om de greep op het leven te verliezen. Hersenschimmen betekende voor Bernlef de grote doorbraak naar een breder publiek. Inmiddels is zijn werk in meerdere talen vertaald en bekroond. Thema's die veel voorkomen in het werk van Bernlef zijn communicatie, liefde, isolement en herinnering.

Inhoud

Hersenschimmen is Bernlefs indringende en ontroerende roman over dementie, over de eenzaamheid en de angst die daarmee gepaard gaan, maar ook een verhaal over de liefde die een onvermijdelijk tragisch einde tegemoet gaat.

Maarten Klein verliest langzaam maar zeker zijn greep op de werkelijkheid. Hij kan heden en verleden niet meer onderscheiden, wil plotseling weer naar zijn werk terwijl hij al gepensioneerd is en ziet zijn vrouw voor een vreemde aan. Momenten van helderheid worden meer en meer verdrongen door ontreddering en verwarring. Net als ik lekker lig komt Vera me wekken. Is het ochtend? Waarom al die haast? En sinds wanneer kleed ik mij zelf niet meer aan?
Bron: flaptekst Hersenschimmen

Moeilijkheid

Bernlef heeft Hersenschimmen heel knap geschreven door van de  ik-figuur ook de verteller te maken. Daardoor ervaart de lezer, die zich met de hoofdpersoon identificeert, bijna zélf hoe het is om dement te worden. Maar de gedachten van de hoofdpersoon zijn verward en voor de lezer verwarrend. De N4-lezers zullen geprikkeld worden maar de N2- en N3-lezers zullen hier meer moeite mee hebben. Bovendien staan de personages en de wereld waarin zij leven ver af van de leefwereld van de leerling. Voor N2- maar ook voor N3-lezers ligt de uitdaging er dus in om zich te kunnen verplaatsen in Maarten. Voor met name N3-lezers is het interessant hoe de relatie tussen Maarten en Vera zich ontwikkeld. Veel enigszins gevorderde leerlingen vinden Hersenschimmen dan ook een ontroerende roman. Het einde, waarin het taalgebruik een afspiegeling is van Maartens 'desintegratie' wordt door veel leerlingen als moeilijk ervaren. N4-lezers zullen waardering hebben voor deze verteltechnische vondst.

Didactische en letterkundige analyse

Dimensies

Descriptoren

Toelichting | complicerende factoren

Algemene vereisten

Bereidheid N2-lezers moeten bereid zijn zich te verdiepen in een personage dat zich in een totaal andere leefwereld bevindt. Zowel N2- als N3-lezers moeten zich realiseren dat de oude man in snel tempo aftakelt. Hierdoor moeten ze goed in de gaten houden of alles wel klopt wat Maarten vertelt. Voor de N4-lezers zal dit geen enkel probleem opleveren.
  Interesses  Interesse voor de aftakeling van de (oudere) mens en diens omgeving is belangrijk. Voor iedere lezer met bijvoorbeeld een dementerende opa of oma is dit boek een aanrader. Ook leerlingen die een voorkeur hebben voor personages die niet meer mee kunnen doen, voor eenlingen en mensen die uit de orde vallen, zullen Hersenschimmen kunnen waarderen.
  Algemene kennis Er is geen specifieke algemene kennis nodig maar het boek wordt makkelijker te lezen voor N2-lezers  als zij  al iets weten over dementie.
  Specifieke literaire en culturele kennis Er wordt gebruik gemaakt van een onbetrouwbaar perspectief. Het is vooral voor de N2- en beginnende N3-lezers belangrijk zich dat te realiseren.

Vertrouwdheid met literaire stijl

Vocabulaire Er worden nauwelijks moeilijke woorden gebruikt en het vocabulaire zal voor geen van de niveaus een probleem opleveren.
  Zinsconstructies In het grootste deel van de roman is er sprake van een tamelijk eenvoudige zinsbouw. De zinnen in het laatste deel van de roman zijn kort en bestaan uiteindelijk alleen nog uit losse flarden zonder onderwerp, en met stippeltjes ertussen. Voor de N2- en minder ervaren N3-lezers zal dit voor verwarring zorgen, maar gevorderde N3- en N4-lezers hebben hier geen problemen mee.
  Stijl Bernlefs stijl wordt vaak gekenschets als sober. Ook in Hersenschimmen is het verhaal grotendeels opgebouwd uit naast elkaar gezette observaties waar de lezer zijn eigen invulling aan moet geven.
Het boek bevat veel open plekken en witregels waarna het verhaal verder gaat in een andere tijd. Hier moet de lezer zelf bedenken hoe het verhaal verder gegaan is. Deze 'lege' regels zijn een afspiegeling van de lege plekken in Maartens geheugen. Als de lezer dat eenmaal doorheeft (en dat zal bij een N2-lezer misschien iets langer duren) is het geen probleem.

Vertrouwdheid met literaire procedés 

Actie Er komt nauwelijks actie voor in het verhaal. De dramatiek is gelegen in de ontwikkeling van Maarten en de relatie met Vera (of liever: de relatie van Vera met hém).
  Chronologie Het hele proces voltrekt zich in negen dagen hetgeen natuurlijk niet realistisch is. Sommige N2-lezers zullen dit niet begrijpen. Maarten denkt veel aan vroeger en vertelt over zijn herinneringen. Het proces wordt chronologisch verteld met flashbacks van de herinneringen van Maarten. De N2-lezers zullen moeite hebben met de flashbacks omdat Maarten niet meer precies weet wie nou wie is en wanneer de gebeurtenissen hebben plaatsgevonden. Bovendien komen herinneringen boven aan zijn vroege jeugd en aan WOII. Die ervaart hij allemaal als 'hier en nu'. N2-lezers kan aangeraden worden aantekeningen te maken. 
  Verhaallijn(en) Er is sprake van één verhaallijn namelijk die van de snelle aftakeling van Maarten. Voor de lezers geen probleem.
  Perspectief Er is sprake van een belevend en beschouwend ik-perspectief met veel monologue intérieur. De lezers leren Maarten ogenschijnlijk goed kennen omdat hij het verhaal vertelt. Je weet echter niet of hij wel een betrouwbare verteller is. Dit kan voor de N2- en N3 lezers verwarring opleveren. Je leert enkel de gedachten van Maarten kennen en weet alleen of deze terecht of waar zijn door de reacties die hij krijgt van Vera en van anderen in zijn omgeving. Dit maakt het voor N2- en N3-lezers lastiger te volgen. De N4-lezers zullen juist deze manier van vertellen mooi vinden.
  Betekenis  Hersenschimmen is lovend ontvangen omdat er nog nooit iets geschreven was over dementie vanuit de patiënt zelf. Men was verbaasd dat Bernlef zonder enig medisch vooronderzoek dit boek had kunnen schrijven geheel vanuit zijn eigen inleving. N3- enmet name N4-lezers zullen ook andere thema's van Bernlef herkennen in Hersenschimmen zoals (het onvermogen tot) communicatie, liefde, isolement, herinnering.

Vertrouwdheid met literaire personages

Karakters De belangrijkste personages zijn Maarten Klein en zijn vrouw Vera. De kinderen Fred en Kitty komen alleen voor  in de gedachten van Maarten. Bijfiguren zijn Phil Taylor, de verzorgster die tijdelijk in huis komt wonen, huisarts  Eardly, de buurjongen en de vriendin van Vera, Ellen Robbins.
  Aantal karakters   Geen probleem.
  Ontwikkeling van en verhouding tussen de karakters Vooral Maarten ontwikkelt zich of liever gezegd, takelt af. Vera is een flat character. Zij verandert van echtgenote en moeder in een verzorgster en bewaakster. Zij is ook degene die moet groeien naar de beslissing dat Maarten opgenomen moet worden. Deze ontwikkeling ziet de lezer echter alleen door de ogen van Maarten. De lezer moet deze verandering zelf invullen. Dit levert geen problemen op voor de lezers.

Relevante bronnen

 

www.bernlef.net | site van de auteur
'Benali boekt... Hersenschimmen', op: www.benaliboekt.ntr.nl
'J. Bernlef', op: www.kb.nl | informatie over de auteur en zijn werk

 

Geschreven door:

Gea Veenstra